MEL YOUNG, SCHOTSE STICHTER-PRESIDENT VAN DE HOMELESS WORLD CUP:
'VOETBAL ALS UNIVERSELE TAAL'
Parijs. Ik ontmoet Mel Young (1958, Edinburgh) onder de Eiffeltoren. Te midden van het lawaai en de ambiance van de Homeless World Cup 2011. De jaarlijkse editie, aflevering negen, verwelkomt 48 mannen- en 16 vrouwenteams uit alle delen van de wereld. Het spel wordt gespeeld met drie voetballers en één doelman. Vervangingen zijn voortdurend toegestaan. Het veld heeft boarding en één aanvaller verblijft voortdurend op de helft van de tegenpartij. Mel Young volgt vol aandoening de finale tussen Mexico en 'zijn' Schotland, dat de World Cup Finale wint met 4-3. Kenia kaapte het goud weg bij de vrouwen.
De stichter-president van het evenement is één van 's werelds belangrijkste 'sociale ondernemers' of social entrepreneurs.
Hij is een man met een klassiek 'Schots' voetbalhart, zoals alleen Schotten dat kunnen hebben. Het gezegde zegt immers: 'The Scots are celebrating their religion: football!' Geen enkel volk ter wereld heeft zo'n obsessie gekend voor voetbal. Even een pondje 'jongens&meisjes&voetbalwetenschap: de Schotten - onder invloed van de Ierse migratie - zijn de grondleggers geweest van het artistieke voetbal met hun snelle samenspel op het einde van de negentiende eeuw: 'the passing game'. Het is afkomstig uit mijnwerkers- en arbeidersmilieus. Die Schots-Ierse oriëntatie - vooral verspreid via Celtic Glasgow - werd een universeel begrip en legde de basis voor 'the beautiful game' - de kunstzinnige traditie - in alle uithoeken van de planeet: van Wenen tot Montevideo, van Boedapest tot Rio de Janeiro, het schone spel werd door 'Celts' geïntroduceerd. Het 'passing game' bood het voetbal zowel wiskundige fundering als improvisatie.
'Football in Scotland has always been principally the game of the working man.' Vooral de Schots-Ierse clubs - Celtic Glasgow en Hibernian Edinburgh - pikten de voetbaldraad ook op om de schrijnendste armoede te bestrijden. De enige wijze waarop jongens konden ontsnappen aan slechte arbeidsomstandigheden was door het beroepsvoetbal. Tijdens The Great Strike van 1926 - de grote staking - organiseerde het mijnwerkerscomité zelfs The Soup Kitchen Cup. De Schotse working man koesterde zijn temperament, geloof in eigen kunnen en recht op eigen mening tegenover het 'Britse' gezag. Reeds lang voor 1900 en dus voor het ontstaan in andere landen van Europa, hadden de Schotse arbeiders al beslist dat voetbal hun sport zou worden.
Geen wonder dus dat ook de Homeless World Cup het licht zag in Schotland en werd gevoed door 'a lifelong fan' van Hibernian Edinburgh, een club die - net als Celtic Glasgow - in 1875 ontstond uit de noden van de Ierse hongervluchtelingen, 'homeless people avant la lettre'. Mel Young houdt trouwens kantoor met zijn organisatie in het stadion Easter Road van Hibernian.
In 1993 richtte Mel Young de Schotse versie van de straatkrant The Big Issue op, die groeide uit tot een netwerk van International Street Papers (ISP): uiteindelijk meer dan 60 edities over alle continenten heen. Dit gaf meer dan 100.000 'homeless people' de kans om hun leven terug op te rapen. In Kaapstad 2001 werd, na een niet al te vrolijke congresdag van de ISP, een nieuw idee geboren. Mel Young en zijn Oostenrijkse collega Harald Schmied besloten aan het strand tot een nachtje 'doorzakken', in het goede gezelschap van Jack Daniels. De whisky prikkelde de fantasie terwijl ze zochten naar een universele taal voor de 'homeless'. Diep in de nacht realiseerden ze dat die al bestond: voetbal!
'You sound like the Scots', sprak mijn eerste erudiete leraar Engels aan het college van Lier. Hij beoordeelde op die wijze mijn niet al te accentloze uitspraak. Dat zat dus wel snor, in dat gesprek met Mel Young. Geniet mee van de monoloog van een Schotse sociale ondernemer, wiens inspirerende visie we graag verkiezen boven de dwaze praatjes van een Engelse conservatieve psychiater.
1
Mel Young: 'Soccer! Voetbal is dé universele taal. Hoe is het – bloody -mogelijk dat we daar niet eerder opkwamen? Ik geniet van het aanvallend spel van FC Barcelona en Manchester United. Ik ben sinds mijn jeugd een fan van Hibernian Edinburgh. I'm a Hibbie! Hibs is één van de oudste clubs van Europa (1875) en werd opgericht door Ierse migranten, op de vlucht voor the famine – de hongersnood - in Ierland. Ze leefden in miserabele omstandigheden in het Edinburgh van toen en kampten met vooroordelen. Hibernian heeft als het ware een historische link met homeless. Het stadion Easter Road bevindt zich in het havengebied Leith. Dat wordt heerlijk bezongen door The Proclaimers in het succesnummer Sunshine On Leith, het is de song van het huis. Onze supporters verkozen het tot lijflied en kunnen er ontroerende opvoeringen van brengen:
luister en kijk naar You Tube
Vandaag schijnt er niet veel Sunshine On Leith, want het gaat barslecht met Hibs. Ik herinner me nog de dag dat we in het begin van de jaren zestig in de Europacup wonnen van FC Barcelona. Helaas is dat lang geleden. Ik zag er mijn jeugdidool George Best – the fifth Beatle, swinging sixties Manchester United – spelen. Hij was even aan lager wal geraakt vanwege zijn overmatig drankmisbruik en voetbalde enkele maanden voor ons in 1979. Hibs kreeg een gemiddelde van 8000 fans over de vloer, met Best puilde het stadion uit: 40.000 toeschouwers voor de wedstrijd tegen Glasgow Rangers. Bij een hoekschop kreeg Best vanuit het Rangersvak zeer symbolisch een bierblikje naar zijn hoofd gegooid. Hij raapte het op, dronk het leeg en trapte vervolgens de corner vol effect naar doel. Hoe dan ook: de geschiedenis van Hibernian heeft mijn manier van zijn ook beïnvloed. Ik ben wie ik ben, onder meer door mijn favoriete club.
2
Het viel me niet moeilijk om ons gemeenschappelijke idee – ook Harald Schmied supporterde hevig voor Sturm Graz – meteen te bevruchten. De Homeless World Cup was geboren! Meestal staat men na een zware nacht en dito kater op, krabt men zich even achter het oor en vraagt men zich af wat men nu weer heeft verzonnen. Niets van dat alles bij deze vondst: enkele maanden later brachten we de eerste interland tussen Schotland en Oostenrijk. In 2003 participeerden we aan het programma van Graz, Culturele Hoofdstad van Europa. Harald was erin geslaagd om ons er tussen te wriemelen. We voetbalden letterlijk op straat, tussen het theater, ballet en de opera. Met achttien landenteams. Het regende dat het goot, het leek op een zondvloed. We spoelden weg. Net als bij Wimbledon kwam het publiek nadien echter terug opdagen. Ambiance, lawaai, een show! Noise! Wie had dat verwacht? Onze homeless kregen een ovatie, voor het eerst in hun leven werden ze niet als uitschot behandeld. Mensen vroegen hen om een handtekening. We beseften: soccer is the great equalizer! Ons instinct van die nacht vol drank bleek het juiste. Het werd een geweldig succes. Zelfs de media schreven op een positieve manier over hen. Velen van hen hadden voor het eerst een goede ervaring: lachend met het hoofd rechtop, in plaats van in de grond. Wij zagen meteen dat er een vorm van zelfvertrouwen bij hen groeide: respect, attitude!
3
Ik heb een hele fysieke én mentale reis gemaakt. Ze begon in de straten van Schotland, voerde mij door Europa en zelfs langs de vijf continenten, van Kaapstad tot Rio de Janeiro. Ik sprak met Desmond Tutu en begroette de entourage rond president Lula. Ik zette mijn eerste stappen van deze reis in 1993. Het was het zoveelste jaar van de conservatieve Britse regering en net zoals in al die vorige jaren maakte ons dat weinig vrolijk. We waren het met elkaar eens over hoe slecht de dingen waren. Tot daar het eenvoudige deel. Het land leefde echter in apathie, verandering brengen leek iets moeilijker.
Ik werkte voor een lokale krant in Edinburgh en ontmoette een maatschappelijk werkster. Ik vertelde haar dat ik in Londen een man had gezien die op straat het blad The Big Issue stond te verkopen. Hij was homeless. Het grootste deel van de verkoopprijs mocht hij zelf houden. Op die wijze werd hij minder afhankelijk van aalmoezen. Bovendien deed hij iets! Het bracht hem zelfbewustzijn en reïntegratie op. Ik vroeg me op mijn beurt al een tijd af hoe ik verder wilde met mijn leven. Ik zag met lede ogen aan hoe steeds meer mensen – waaronder veel jongeren – tot 'dakloosheid' werden veroordeeld. Als gevolg van het harde kabinetsbeleid. Ik herinnerde mij de Schotse waarden van mijn moeder: neighbourhood, looking after everybody, take care for each other.
Wij Schotten hebben nooit geloofd in de conservatieve praatjes genre 'There's no such thing as society'. Integendeel!
Ik hakte de knoop door. We stopten met onze jobs en namen dat verhaal over. The Big Issue startte in juni 1993, als veertdiendaags magazine, én het werd een hit! Volgens een simpel principe: een potentiële verkoper bood zich aan in ons bureau en nadat met zekerheid werd vastgesteld dat hij inderdaad 'homeless' was, kreeg hij tien exemplaren mee. De filosofie van onze krant? A hand up, not a hand out! Thuislozen zijn geen blote statistiek maar wel individuen. De krant – een mix van sociale verhalen met cultuur en ontspanning – verkocht geregeld 'uit' en draaide tussen de 25.000 en 100.000 exemplaren. We stonden daar op het juiste moment. Het kopen van de krant kreeg de kracht van een statement en gold als teken van protest tegen de conservatieve regeringen.
4
Vandaag zijn er meer dan 50.000 homeless aan het voetballen. Dat aantal moet vertienvoudigd worden. We wanted to build a global network where people come and changes their lives! We hebben een briljante opportuniteit om voetbal te gebruiken als een vehikel voor social change. De Homeless World Cup houdt zich bezig met mensen die volledig door de gemeenschap werden uitgesloten, met het vuile argument er bovenop dat 'ze het zelf hebben gezocht'. Tijdens de wereldbeker dragen onze spelers de shirtjes van hun nationale ploegen. Ze zien er dus eerder uit als rappers of filmsterren dan als voetballers bij een stratentoernooi. Kijk, daar heb je het: ze verstoren de stereotypen. Ze lijken niet op daklozen. Ze voelen trots. We hebben bewezen dat sport de basis heeft gelegd voor sociale integratie. Van dan af smolt bij mij de twijfel. De Homeless World Cup veranderde het leven van deze mensen. Ik stel vast: zodra het spel begint, vergeet men wie de spelers zijn. Thuislozen uit de hele wereld liepen spontane ererondes, omarmden elkaar en schudden elkaar de hand. Ze vierden de hele week feest. Ze ontvingen applaus en ze kregen het gevoel om een echte mens te zijn. Sommigen liepen vooraf rond met zelfmoordgedachten, maar deze ervaring maakte hen gelukkig. De deelnemers spraken zelf over de prachtige gevoelens die ze ervoeren. Via het voetbal ontstond er een vriendschapsband. Op de Homeless World Cup bestaat er dus een universele taal, het voetbal, maar heerst er eveneens een gemeenschappelijke opstelling: de wereld meedelen dat daklozen geen buitenstaanders zijn.
5
Het goede gevoel werd een hard feit. Statistiek is voor mij irrelevant. Kijk, als ik werk met iemand met een drugsprobleem, hoe kan ik dan meten of hij vooruitgang boekt? Het overwinnen van 'thuisloosheid' is geen rechtlijnig proces. Men beleeft goede en slechte dagen. Soms vallen de mensen letterlijk voor je neus dood. Individuele daden zijn dus voor mij veel belangrijker dan cijfers. Wij hebben de overtuiging dat sport grenzen wegwerkt voor mensen die in armoede leven. De Homeless World Cup is slechts de top van de ijsberg.
Toch zetten we de dingen even op een rij: 90% van de deelnemers spreekt over een verandering in hun levensomstandigheden. Men somt op: meer gevoel van eigenwaarde; hogere motivatie; verbetering woonsituatie; sterkere sociale binding. Bijna 40% gingen met succes op zoek naar een job, een enkeling pakte een studie aan en sommigen schopten het zelfs tot semi-prof.
Bijna 75% maakte stevige vorderingen, hun leven veranderde en ze trachtten uit de 'thuisloosheid' te geraken. Zo'n 46% verbeterde de huisvesting, 34% volgt heropleidingscursussen en 27% heeft zijn drugs- en verslavingsprobleem aangepakt.
6
Mijn inspiratie haalde ik, behalve uit mijn jeugd, bij zeer uiteenlopende persoonlijkheden. Ik ben economist van opleiding maar ik hou van dwarsdenkende geesten die op een creatieve wijze de business trachten te beheersen in functie van sociale rechtvaardigheid: ik denk aan Georges Soros of aan nobelprijswinnaar Amaryta Sen, de Indische econoom. Beiden bestrijden ze op hun manier de armoede. Ik bewonder sportlui die verder kijken dan hun neus lang is. Dan wijs ik naar de Amerikaanse atleet Edwin Moses. Hij stichtte The Lareus Sport for Good Foundation, waarbij voormalige topsporters zich inzetten voor goede doelen. Onder meer de intussen bijna 75-jarige Bobby Charlton, de vedette van Manchester United in de jaren zestig. Op muzikaal gebied ben ik een kind van mijn tijd: de jaren zeventig. Vooral Bruce Springsteen kan mij raken met zijn stem. Zijn engagement voor Amnesty International en Fair Trade deel ik evenzeer. Het meest ben ik echter onder de indruk gekomen van het werk van Eunice Kennedy. Ze overleed in 2009 op 88-jarige leeftijd en is de zus van beroemde broers als John, Bob en Ted. Ze stond altijd in hun schaduw maar gaf een extra dimensie aan de mensenrechtenstrijd van haar familie met haar prachtig levenswerk: The Special Olympics! Ze bekommerde zich sterk om haar zus met een handicap. Destijds stopte men deze mensen weg in een instelling, ver van de buitenwereld. Ze revolteerde er tegen met de slogan: 'You Earn It!' Ook met een handicap verdient een mens het om aan sport te doen. Bij die woorden sluit ik me volledig aan. Ook een thuisloze heeft het recht om te voetballen. Volgens een simpel ABC: geniet van het spel. Doe het samen met anderen. Nu! Proef het plezier! Dan komt men terecht in een groep, waar men zich moet conformeren aan anderen. Er is onderlinge controle. Als iemand niet komt, kan de ploeg niet spelen! Voetbal is gemakkelijk te organiseren. Ik zeg: elke profclub ter wereld kan een homeless team op poten zetten. Waarom niet? Ik herhaal de woorden van Eunice Kennedy: 'You Earn It!' Ook de 'thuislozen'. Vandaar ons nachtelijk idee: the Homeless World Cup!'
Raf Willems
(Bron: www.sportsolidariteit.be)
De stichter-president van het evenement is één van 's werelds belangrijkste 'sociale ondernemers' of social entrepreneurs.
Hij is een man met een klassiek 'Schots' voetbalhart, zoals alleen Schotten dat kunnen hebben. Het gezegde zegt immers: 'The Scots are celebrating their religion: football!' Geen enkel volk ter wereld heeft zo'n obsessie gekend voor voetbal. Even een pondje 'jongens&meisjes&voetbalwetenschap: de Schotten - onder invloed van de Ierse migratie - zijn de grondleggers geweest van het artistieke voetbal met hun snelle samenspel op het einde van de negentiende eeuw: 'the passing game'. Het is afkomstig uit mijnwerkers- en arbeidersmilieus. Die Schots-Ierse oriëntatie - vooral verspreid via Celtic Glasgow - werd een universeel begrip en legde de basis voor 'the beautiful game' - de kunstzinnige traditie - in alle uithoeken van de planeet: van Wenen tot Montevideo, van Boedapest tot Rio de Janeiro, het schone spel werd door 'Celts' geïntroduceerd. Het 'passing game' bood het voetbal zowel wiskundige fundering als improvisatie.
'Football in Scotland has always been principally the game of the working man.' Vooral de Schots-Ierse clubs - Celtic Glasgow en Hibernian Edinburgh - pikten de voetbaldraad ook op om de schrijnendste armoede te bestrijden. De enige wijze waarop jongens konden ontsnappen aan slechte arbeidsomstandigheden was door het beroepsvoetbal. Tijdens The Great Strike van 1926 - de grote staking - organiseerde het mijnwerkerscomité zelfs The Soup Kitchen Cup. De Schotse working man koesterde zijn temperament, geloof in eigen kunnen en recht op eigen mening tegenover het 'Britse' gezag. Reeds lang voor 1900 en dus voor het ontstaan in andere landen van Europa, hadden de Schotse arbeiders al beslist dat voetbal hun sport zou worden.
Geen wonder dus dat ook de Homeless World Cup het licht zag in Schotland en werd gevoed door 'a lifelong fan' van Hibernian Edinburgh, een club die - net als Celtic Glasgow - in 1875 ontstond uit de noden van de Ierse hongervluchtelingen, 'homeless people avant la lettre'. Mel Young houdt trouwens kantoor met zijn organisatie in het stadion Easter Road van Hibernian.
In 1993 richtte Mel Young de Schotse versie van de straatkrant The Big Issue op, die groeide uit tot een netwerk van International Street Papers (ISP): uiteindelijk meer dan 60 edities over alle continenten heen. Dit gaf meer dan 100.000 'homeless people' de kans om hun leven terug op te rapen. In Kaapstad 2001 werd, na een niet al te vrolijke congresdag van de ISP, een nieuw idee geboren. Mel Young en zijn Oostenrijkse collega Harald Schmied besloten aan het strand tot een nachtje 'doorzakken', in het goede gezelschap van Jack Daniels. De whisky prikkelde de fantasie terwijl ze zochten naar een universele taal voor de 'homeless'. Diep in de nacht realiseerden ze dat die al bestond: voetbal!
'You sound like the Scots', sprak mijn eerste erudiete leraar Engels aan het college van Lier. Hij beoordeelde op die wijze mijn niet al te accentloze uitspraak. Dat zat dus wel snor, in dat gesprek met Mel Young. Geniet mee van de monoloog van een Schotse sociale ondernemer, wiens inspirerende visie we graag verkiezen boven de dwaze praatjes van een Engelse conservatieve psychiater.
1
Mel Young: 'Soccer! Voetbal is dé universele taal. Hoe is het – bloody -mogelijk dat we daar niet eerder opkwamen? Ik geniet van het aanvallend spel van FC Barcelona en Manchester United. Ik ben sinds mijn jeugd een fan van Hibernian Edinburgh. I'm a Hibbie! Hibs is één van de oudste clubs van Europa (1875) en werd opgericht door Ierse migranten, op de vlucht voor the famine – de hongersnood - in Ierland. Ze leefden in miserabele omstandigheden in het Edinburgh van toen en kampten met vooroordelen. Hibernian heeft als het ware een historische link met homeless. Het stadion Easter Road bevindt zich in het havengebied Leith. Dat wordt heerlijk bezongen door The Proclaimers in het succesnummer Sunshine On Leith, het is de song van het huis. Onze supporters verkozen het tot lijflied en kunnen er ontroerende opvoeringen van brengen:
luister en kijk naar You Tube
Vandaag schijnt er niet veel Sunshine On Leith, want het gaat barslecht met Hibs. Ik herinner me nog de dag dat we in het begin van de jaren zestig in de Europacup wonnen van FC Barcelona. Helaas is dat lang geleden. Ik zag er mijn jeugdidool George Best – the fifth Beatle, swinging sixties Manchester United – spelen. Hij was even aan lager wal geraakt vanwege zijn overmatig drankmisbruik en voetbalde enkele maanden voor ons in 1979. Hibs kreeg een gemiddelde van 8000 fans over de vloer, met Best puilde het stadion uit: 40.000 toeschouwers voor de wedstrijd tegen Glasgow Rangers. Bij een hoekschop kreeg Best vanuit het Rangersvak zeer symbolisch een bierblikje naar zijn hoofd gegooid. Hij raapte het op, dronk het leeg en trapte vervolgens de corner vol effect naar doel. Hoe dan ook: de geschiedenis van Hibernian heeft mijn manier van zijn ook beïnvloed. Ik ben wie ik ben, onder meer door mijn favoriete club.
2
Het viel me niet moeilijk om ons gemeenschappelijke idee – ook Harald Schmied supporterde hevig voor Sturm Graz – meteen te bevruchten. De Homeless World Cup was geboren! Meestal staat men na een zware nacht en dito kater op, krabt men zich even achter het oor en vraagt men zich af wat men nu weer heeft verzonnen. Niets van dat alles bij deze vondst: enkele maanden later brachten we de eerste interland tussen Schotland en Oostenrijk. In 2003 participeerden we aan het programma van Graz, Culturele Hoofdstad van Europa. Harald was erin geslaagd om ons er tussen te wriemelen. We voetbalden letterlijk op straat, tussen het theater, ballet en de opera. Met achttien landenteams. Het regende dat het goot, het leek op een zondvloed. We spoelden weg. Net als bij Wimbledon kwam het publiek nadien echter terug opdagen. Ambiance, lawaai, een show! Noise! Wie had dat verwacht? Onze homeless kregen een ovatie, voor het eerst in hun leven werden ze niet als uitschot behandeld. Mensen vroegen hen om een handtekening. We beseften: soccer is the great equalizer! Ons instinct van die nacht vol drank bleek het juiste. Het werd een geweldig succes. Zelfs de media schreven op een positieve manier over hen. Velen van hen hadden voor het eerst een goede ervaring: lachend met het hoofd rechtop, in plaats van in de grond. Wij zagen meteen dat er een vorm van zelfvertrouwen bij hen groeide: respect, attitude!
3
Ik heb een hele fysieke én mentale reis gemaakt. Ze begon in de straten van Schotland, voerde mij door Europa en zelfs langs de vijf continenten, van Kaapstad tot Rio de Janeiro. Ik sprak met Desmond Tutu en begroette de entourage rond president Lula. Ik zette mijn eerste stappen van deze reis in 1993. Het was het zoveelste jaar van de conservatieve Britse regering en net zoals in al die vorige jaren maakte ons dat weinig vrolijk. We waren het met elkaar eens over hoe slecht de dingen waren. Tot daar het eenvoudige deel. Het land leefde echter in apathie, verandering brengen leek iets moeilijker.
Ik werkte voor een lokale krant in Edinburgh en ontmoette een maatschappelijk werkster. Ik vertelde haar dat ik in Londen een man had gezien die op straat het blad The Big Issue stond te verkopen. Hij was homeless. Het grootste deel van de verkoopprijs mocht hij zelf houden. Op die wijze werd hij minder afhankelijk van aalmoezen. Bovendien deed hij iets! Het bracht hem zelfbewustzijn en reïntegratie op. Ik vroeg me op mijn beurt al een tijd af hoe ik verder wilde met mijn leven. Ik zag met lede ogen aan hoe steeds meer mensen – waaronder veel jongeren – tot 'dakloosheid' werden veroordeeld. Als gevolg van het harde kabinetsbeleid. Ik herinnerde mij de Schotse waarden van mijn moeder: neighbourhood, looking after everybody, take care for each other.
Wij Schotten hebben nooit geloofd in de conservatieve praatjes genre 'There's no such thing as society'. Integendeel!
Ik hakte de knoop door. We stopten met onze jobs en namen dat verhaal over. The Big Issue startte in juni 1993, als veertdiendaags magazine, én het werd een hit! Volgens een simpel principe: een potentiële verkoper bood zich aan in ons bureau en nadat met zekerheid werd vastgesteld dat hij inderdaad 'homeless' was, kreeg hij tien exemplaren mee. De filosofie van onze krant? A hand up, not a hand out! Thuislozen zijn geen blote statistiek maar wel individuen. De krant – een mix van sociale verhalen met cultuur en ontspanning – verkocht geregeld 'uit' en draaide tussen de 25.000 en 100.000 exemplaren. We stonden daar op het juiste moment. Het kopen van de krant kreeg de kracht van een statement en gold als teken van protest tegen de conservatieve regeringen.
4
Vandaag zijn er meer dan 50.000 homeless aan het voetballen. Dat aantal moet vertienvoudigd worden. We wanted to build a global network where people come and changes their lives! We hebben een briljante opportuniteit om voetbal te gebruiken als een vehikel voor social change. De Homeless World Cup houdt zich bezig met mensen die volledig door de gemeenschap werden uitgesloten, met het vuile argument er bovenop dat 'ze het zelf hebben gezocht'. Tijdens de wereldbeker dragen onze spelers de shirtjes van hun nationale ploegen. Ze zien er dus eerder uit als rappers of filmsterren dan als voetballers bij een stratentoernooi. Kijk, daar heb je het: ze verstoren de stereotypen. Ze lijken niet op daklozen. Ze voelen trots. We hebben bewezen dat sport de basis heeft gelegd voor sociale integratie. Van dan af smolt bij mij de twijfel. De Homeless World Cup veranderde het leven van deze mensen. Ik stel vast: zodra het spel begint, vergeet men wie de spelers zijn. Thuislozen uit de hele wereld liepen spontane ererondes, omarmden elkaar en schudden elkaar de hand. Ze vierden de hele week feest. Ze ontvingen applaus en ze kregen het gevoel om een echte mens te zijn. Sommigen liepen vooraf rond met zelfmoordgedachten, maar deze ervaring maakte hen gelukkig. De deelnemers spraken zelf over de prachtige gevoelens die ze ervoeren. Via het voetbal ontstond er een vriendschapsband. Op de Homeless World Cup bestaat er dus een universele taal, het voetbal, maar heerst er eveneens een gemeenschappelijke opstelling: de wereld meedelen dat daklozen geen buitenstaanders zijn.
5
Het goede gevoel werd een hard feit. Statistiek is voor mij irrelevant. Kijk, als ik werk met iemand met een drugsprobleem, hoe kan ik dan meten of hij vooruitgang boekt? Het overwinnen van 'thuisloosheid' is geen rechtlijnig proces. Men beleeft goede en slechte dagen. Soms vallen de mensen letterlijk voor je neus dood. Individuele daden zijn dus voor mij veel belangrijker dan cijfers. Wij hebben de overtuiging dat sport grenzen wegwerkt voor mensen die in armoede leven. De Homeless World Cup is slechts de top van de ijsberg.
Toch zetten we de dingen even op een rij: 90% van de deelnemers spreekt over een verandering in hun levensomstandigheden. Men somt op: meer gevoel van eigenwaarde; hogere motivatie; verbetering woonsituatie; sterkere sociale binding. Bijna 40% gingen met succes op zoek naar een job, een enkeling pakte een studie aan en sommigen schopten het zelfs tot semi-prof.
Bijna 75% maakte stevige vorderingen, hun leven veranderde en ze trachtten uit de 'thuisloosheid' te geraken. Zo'n 46% verbeterde de huisvesting, 34% volgt heropleidingscursussen en 27% heeft zijn drugs- en verslavingsprobleem aangepakt.
6
Mijn inspiratie haalde ik, behalve uit mijn jeugd, bij zeer uiteenlopende persoonlijkheden. Ik ben economist van opleiding maar ik hou van dwarsdenkende geesten die op een creatieve wijze de business trachten te beheersen in functie van sociale rechtvaardigheid: ik denk aan Georges Soros of aan nobelprijswinnaar Amaryta Sen, de Indische econoom. Beiden bestrijden ze op hun manier de armoede. Ik bewonder sportlui die verder kijken dan hun neus lang is. Dan wijs ik naar de Amerikaanse atleet Edwin Moses. Hij stichtte The Lareus Sport for Good Foundation, waarbij voormalige topsporters zich inzetten voor goede doelen. Onder meer de intussen bijna 75-jarige Bobby Charlton, de vedette van Manchester United in de jaren zestig. Op muzikaal gebied ben ik een kind van mijn tijd: de jaren zeventig. Vooral Bruce Springsteen kan mij raken met zijn stem. Zijn engagement voor Amnesty International en Fair Trade deel ik evenzeer. Het meest ben ik echter onder de indruk gekomen van het werk van Eunice Kennedy. Ze overleed in 2009 op 88-jarige leeftijd en is de zus van beroemde broers als John, Bob en Ted. Ze stond altijd in hun schaduw maar gaf een extra dimensie aan de mensenrechtenstrijd van haar familie met haar prachtig levenswerk: The Special Olympics! Ze bekommerde zich sterk om haar zus met een handicap. Destijds stopte men deze mensen weg in een instelling, ver van de buitenwereld. Ze revolteerde er tegen met de slogan: 'You Earn It!' Ook met een handicap verdient een mens het om aan sport te doen. Bij die woorden sluit ik me volledig aan. Ook een thuisloze heeft het recht om te voetballen. Volgens een simpel ABC: geniet van het spel. Doe het samen met anderen. Nu! Proef het plezier! Dan komt men terecht in een groep, waar men zich moet conformeren aan anderen. Er is onderlinge controle. Als iemand niet komt, kan de ploeg niet spelen! Voetbal is gemakkelijk te organiseren. Ik zeg: elke profclub ter wereld kan een homeless team op poten zetten. Waarom niet? Ik herhaal de woorden van Eunice Kennedy: 'You Earn It!' Ook de 'thuislozen'. Vandaar ons nachtelijk idee: the Homeless World Cup!'
Raf Willems
(Bron: www.sportsolidariteit.be)